Eind 2014 was Zuster Jeanne Devos op bezoek in België. Een ideaal moment om samen met haar terug te blikken op de voorbije periode en wat er intussen veranderde voor huisarbeidsters in India. Het is een warme en begeesterende vrouw, die de voorbije 50 jaren miljoenen vrouwen in India inspireerde, maar altijd bescheiden en ‘down-to-earth’ blijft.

Er zijn nu drie jaren voorbijgegaan sinds de goedkeuring van de Conventie voor huispersoneel (C 189) in juni 2011, waarmee huisarbeid(st)ers erkend werden als werknemers met dezelfde arbeidsrechten als andere werknemers. Hoe belangrijk is dit geweest voor huispersoneel in India?
Jeanne Devos: “Het feit dat de Internationale Arbeidsorganisatie (IAO) huisarbeid op de agenda van de conferentie zette was destijds voor mij, maar ook voor de hele ploeg van de National Domestic Workers Movement (NDWM) een sterke aanmoediging. Vijf jaar voordien hadden we deze vraag al gesteld aan de IAO op een Aziatische bijeenkomst in Hong Kong en toen werd ons gezegd dat dit onmogelijk was. In 2011 kon het dan toch. Ook voor de huisarbeidsters zelf was dit enorm belangrijk. Ter voorbereiding van de IAO-conferentie rond huisarbeid, hadden we vragenlijsten opgesteld in 7 talen, die we samen met onze huisarbeidsters invulden. Voor hen was het fantastisch te weten dat hun werk op internationaal niveau belangrijk werd gevonden. De Indiase regering mocht dan geen rekening met hen houden, maar “de wereld” wel! Dat was echt ongelooflijk voor hen.”


Is er sindsdien al veel veranderd voor de huisarbeidsters in India?
Jeanne: “Hoewel de Conventie nog altijd niet geratificeerd is door de Indiase overheid is men in verschillende staten wel al bezig met sociale zekerheid op te starten voor huispersoneel, en dat is wat telt. Er moet nog een lange weg gegaan worden, maar de deur is open nu.

In 2013 hebben we onze vakbond voor huispersoneel opgericht (de overkoepelende Indiase vakbondsconfederatie voor huispersoneel – de “National Domestic Workers Trade Union Federation” –NDWTUF – die 10 vakbonden op niveau van de staten verenigt). Ik herinner me nog goed hoe dit gebeurde. Een groep van 20 personen, samengesteld uit 2 afgevaardigden per staat, die samen 7 talen spreken, kwam bijeen en verkoos een voorzitter, ondervoorzitter en een secretaris. Ik was toen en ben nog steeds vol bewondering over hun bekwaamheid om een vakbond op te richten en te leiden. Velen van hen zijn namelijk nauwelijks naar school geweest, sommigen kunnen zelfs niet lezen of schrijven, en toch zijn ze heel goed in staat hun eisen duidelijk te maken en een organisatie te leiden. Ze weten goed wat ze willen! Ook al had ik in het begin soms wat twijfels over de oprichting van de vakbond : ‘zijn ze er wel klaar voor?’, intussen geloof ik er helemaal in! Tijdens dit hele proces hebben we veel steun en begeleiding gekregen vanuit ACV en ACV Voeding en Diensten, iets waar ik nog altijd erg dankbaar om ben. Vooral het vertrouwen dat ze ons gaven, was bemoedigend.”


Hoe belangrijk is de vakbond voor huispersoneel in India?
Jeanne: “Een belangrijke eerste taak van de vakbond, is de registratie van huispersoneel. Dat lijkt misschien banaal, maar vroeger bestonden de meeste huisarbeidsters gewoonweg niet voor de Indiase overheid, want in India word je niet geregistreerd door de overheid als je geen huisnummer hebt. De meeste huisarbeidsters wonen in sloppenwijken, waar ze geen afzonderlijk adres hebben. Dat heeft heel wat gevolgen, want als je niet bestaat, heb je ook geen recht op sociale zekerheid natuurlijk. En ook hun kinderen hebben geen recht op onderwijs. Ze vallen zelfs buiten de statistieken voor armoede ! Een eerste – erg belangrijke – stap is dus de registratie van huisarbeidsters. Daar hebben vele medewerkers van de vakbond het voorbije jaar hard aan gewerkt.
Daarnaast werd sinds de goedkeuring van de Conventie in 2011 al in 10 staten het minimumloon voor huisarbeidsters ingevoerd, door het harde werk van zowel vakbond als beweging. Een belangrijke stap vooruit, hoewel het minimumloon nog steeds onvoldoende is om waardig van te kunnen leven. Het volgende doel is nu om dit op te trekken naar een leefbaar loon. Ook dat vind ik het positieve aan de vakbond: je blijft groeien. Er zullen altijd nieuwe uitdagingen zijn waar we rond moeten werken. Intussen vierden we al de eerste verjaardag van de vakbond, en als ik erop terugkijk, moet ik zeggen dat de vakbond sneller gegroeid is dan ik durfde te dromen.

Dat neemt niet weg dat we nog vele uitdagingen voor ons hebben liggen. Zo is het in de praktijk niet evident om leden te werven wanneer je ook een financiële ledenbijdrage vraagt. De omvorming van de afhankelijkheid waarin vele huisarbeidsters jarenlang zaten, naar het opnemen van verantwoordelijkheid en het creëren van solidariteit met anderen, heeft tijd nodig. Bovendien zetten nu ook andere – politieke – vakbonden in op de werving van huispersoneel, vaak met beloften die ze onmogelijk kunnen waarmaken. Ook dat maakt het moeilijker voor ons. Maar ik vind het belangrijk om die uitdagingen te erkennen, en niet alleen het positieve verhaal te brengen.”


De vakbond heeft de beweging niet vervangen, maar is erbij gekomen. De beweging bestaat dus ook nog. Hoe verhouden de twee zich met mekaar?
Jeanne: “De vakbond houdt zich vooral bezig met de arbeids- en sociale rechten van de huisarbeidsters, terwijl de beweging zich nu meer toelegt op kinderarbeid en de kinder- en vrouwenhandel die veel voorkomt binnen huisarbeid. Huisarbeid is momenteel immers de meest gevraagde arbeid voor vrouwen in India en daardoor zijn er heel wat uitdagingen op dat vlak. Maar uiteraard versterken vakbond en beweging elkaars werk.”

Ook Wereldsolidariteit steunt de NDWM in haar werking met migranten. Kan je daar nog iets meer rond vertellen? 
Jeanne: “Onze medewerkers proberen de huisarbeidsters die emigreren zo goed mogelijk voor te bereiden op hun vertrek. In verschillende staten is er vanuit de overheid een “protector of migrants” aangesteld, met wie onze medewerkers samenwerken. In één staat, Tamil Nadu, mag onze medewerker zelfs dagelijks aanwezig zijn op het bureau waar de visa verleend worden, zodanig dat we contact hebben met iedereen die daar passeert. Die geven we dan nuttige raad en adressen mee. We probeerden dit ook in de andere staten te verwezenlijken, maar daar is het ons nog niet gelukt. Migratie komt heel vaak voor bij huisarbeidsters, en het probleem is dat het vaak “in het geheim” gebeurt, omdat het voor vrouwen niet algemeen aanvaard is om te migreren. In tegenstelling tot de mannen, waarbij migratie als normaal wordt beschouwd. Daarnaast werken we ook nauw samen met organisaties in het buitenland – zoals mensenrechtenorganisaties in Qatar bv. – om huisarbeidsters in het buitenland bij te staan wanneer ze in moeilijkheden zijn. En we vangen hen ook op als ze terugkeren.”

Origineel artikel van WSM hierWil je de beweging en vakbond van huisarbeidsters in India financieel steunen, doe dan een gift op: BE96-7995-5000-0005 met vermelding “India”

Advertisements